Wat mensen een peesontsteking in de arm noemen zit meestal in de bovenarm, en komt bijna altijd uit de peesplaat van de schouder of uit de bicepspees. De behandeling begint niet met rust maar met het weghalen van de piekbelasting, gevolgd door geleidelijke opbouw. Alleen bij ontstekingsreuma is er sprake van een echte ontsteking.
Eerst: waar doet het precies pijn?
De arm heeft geen enkele plek waar peesklachten typisch zitten, hij heeft er vier. Welke het is bepaalt de naam, de behandeling en de duur. Deze tabel staat op geen enkele Nederlandse pagina over dit onderwerp, en het is wel het eerste wat je nodig hebt.
| Waar de pijn zit | Welke pees | Wat opvalt |
|---|---|---|
| Buitenkant bovenarm, diffuus | Rotatorenmanchet, de peesplaat van de schouder | Pijn bij heffen boven schouderhoogte, wakker worden op die zij |
| Voorkant schouder, smalle streep omlaag | Lange bicepspees | Pijn bij optillen met de handpalm omhoog en bij reiken naar achteren |
| Buitenkant elleboog | Strekpezen van de onderarm | Pijn bij knijpen, een kop koffie tillen, een hand geven |
| Binnenkant elleboog | Buigpezen van de onderarm | Pijn bij het draaien van een schroevendraaier of het wringen van een doek |
Loopt de pijn door tot in je hand, met tintelingen of een doof gevoel, dan is het waarschijnlijk geen pees maar een zenuw. Dat is een ander verhaal en hoort bij de huisarts. Zit de pijn niet in de bovenarm maar lager, rond het polsgewricht zelf, dan gaat het meestal om een peesontsteking in de pols, met een eigen aanpak.
Waarom het woord ontsteking hier meestal niet klopt
Dit is het punt waar bijna alle Nederlandse pagina’s overheen stappen, en het bepaalt wel wat werkt. Khan en collega’s onderzochten weefsel uit chronisch pijnlijke pezen en publiceerden hun bevinding in 2002 in het British Medical Journal: geen ontstekingscellen. Wel wanordelijke collageenvezels, ingegroeide bloedvaatjes en nieuwe zenuwuiteinden.
De juiste term is dus tendinopathie, en de Nederlandse zorg gebruikt hem ook. Op Thuisarts.nl heet de pagina niet voor niets pijn aan een pees en niet peesontsteking. In de eerste dagen na een acute overbelasting zit er wel een ontstekingscomponent, maar die verdwijnt binnen enkele weken terwijl de pijn blijft.
Twee gevolgen. Een ontstekingsremmer dempt je pijn maar verandert niets aan het weefsel. En volledig rust nemen maakt de pees zwakker, waardoor de klacht terugkeert zodra je hem weer belast.
De uitzondering: als het wél een echte ontsteking is
Er is één situatie waarin het woord ontsteking klopt. Bij ontstekingsreuma valt het afweersysteem het gewrichts- en peesweefsel aan, en dan is er wel degelijk een ontstekingsproces. Reuma Nederland besteedt er een aparte pagina aan, en die staat niet voor niets hoog in de zoekresultaten op dit onderwerp.
Waaraan je het herkent: ochtendstijfheid die langer dan een uur duurt, klachten in meerdere gewrichten tegelijk of aan beide kanten, zichtbare zwelling die warm aanvoelt, en algemene klachten zoals moeheid of koorts. Herken je dit, ga dan naar de huisarts en vraag om bloedonderzoek. De aanpak is dan een heel andere: hier zijn ontstekingsremmende medicijnen wél de kern van de behandeling.
Hoe ontstaat een peesontsteking in de arm?
WAT EEN ARMPEES OVERBELAST
dan de pees
aankan
Boven schouderhoogte werken
Schilderen, stukadoren, een plafond afwerken. De ruimte onder het schouderdak wordt bij elke beweging kleiner en de pees schuurt.
Een nieuwe of hervatte sport
Tennis, zwemmen, klimmen, krachttraining. Niet de sport zelf maar de sprong in belasting binnen enkele weken.
Steeds dezelfde bewegingen
Kassawerk, monteren, sjouwen, muziek maken. Kleine krachten, maar duizenden herhalingen per dag, waarbij de spieren rond de pees vermoeid raken.
Een periode van niets doen
Na ziekte of vakantie is de pees minder belastbaar. De eerste zware klus daarna is de druppel.
Waar in het verloop zit je?
Waar in het verloop zit je?
rust en aanpassen werkt
opbouw wordt belangrijk
alleen belasting verandert nog iets
Dit verklaart iets wat veel mensen verwart. Je buurman werd van rust nemen beter en jij niet. Waarschijnlijk zat hij links op deze schaal en jij rechts. Hetzelfde advies, twee verschillende situaties.
Wat er in Nederland gebeurt als je ermee naar de huisarts gaat
De huisarts is de poortwachter. Die stelt de diagnose op het verhaal en het lichamelijk onderzoek, en vraagt in deze fase geen echo of foto aan: dat verandert het beleid niet. Wat je meekrijgt is uitleg, advies over belasting, en pijnstilling als dat nodig is.
Blijven de klachten, dan volgt oefentherapie bij een fysiotherapeut. Houd er rekening mee dat fysiotherapie voor volwassenen niet standaard in de basisverzekering zit: alleen aandoeningen op de chronische lijst van Zorginstituut Nederland worden vergoed, en dan vanaf de 21e behandeling. Voor gewone peesklachten heb je in de praktijk een aanvullende verzekering nodig.
Daarna komen pas een injectie, aanvullend beeldonderzoek of doorverwijzing. Shockwavetherapie wordt in Nederland breed commercieel aangeboden. Het bewijs is redelijk bij kalkafzetting in de schouderpees en zwakker elders. Als aanvulling op oefentherapie kan het zinnig zijn, als vervanging ervan niet.
Wat je zelf kunt doen
- Haal de piek eruit, niet de beweging. Werk niet boven schouderhoogte, til dicht bij je lichaam, en wissel taken af. Bewegingen die geen pijn geven blijf je gewoon doen.
- Bouw kracht op, langzaam en zwaar. Drie keer per week gedurende minstens drie maanden. Dit is het enige deel dat het weefsel zelf verandert.
- Verwacht wat pijn tijdens de oefening. Draaglijke pijn die binnen 24 uur is gezakt is acceptabel en zelfs normaal. Pijn die de volgende ochtend erger is betekent dat je een stap te ver ging.
- Kijk naar je slaaphouding. Op de pijnlijke zij liggen houdt de klacht in stand. Een kussen onder de arm helpt vaak meteen, bijvoorbeeld een gewoon hoofdkussen dubbelgevouwen.
- Wat niet werkt: weken in een mitella, doorwerken op ibuprofen, en steeds opnieuw beginnen zodra het even minder doet.
Bij peesklachten die maanden aanhouden wordt ook gekeken naar het bredere herstelvermogen, waarin slaap, beweging en voeding meetellen en waarin de laaggradige ontsteking in het lichaam meespeelt. Sommige mensen zetten daarnaast een formule gericht op peesklachten in, of kijken breder naar het ontstekingsniveau in het lichaam. Beide komen naast de opbouw van belasting, nooit in plaats daarvan.
Veelgestelde vragen
Wat zijn de symptomen van een peesontsteking in de bovenarm?
Een zeurende of stekende pijn in de bovenarm die vaak niet precies aan te wijzen is en soms tot aan de elleboog uitstraalt. Kenmerkend is pijn bij het heffen van de arm, bij reiken naar achteren en bij het optillen van iets lichts met gestrekte arm. Veel mensen worden ‘s nachts wakker als ze op die schouder liggen. Kracht is meestal wel aanwezig, maar doet pijn.
Hoe lang duurt een peesontsteking in de arm?
Bij klachten korter dan zes weken meestal zes tot twaalf weken. Bestaat de klacht langer dan drie maanden, reken dan op drie tot zes maanden met een opgebouwd oefenprogramma. Dat komt doordat het weefsel dan niet meer geïrriteerd is maar veranderd, en dat kost tijd om terug te draaien.
Welke behandeling helpt bij een peesontsteking in de bovenarm?
De volgorde die in Nederland gebruikelijk is: eerst de belasting aanpassen en zo nodig pijnstilling, dan oefentherapie bij een fysiotherapeut, en pas daarna een injectie of verder onderzoek. Oefentherapie is het enige onderdeel dat de pees zelf verandert. Een injectie geeft weken tot maanden verlichting en lost de oorzaak niet op.
Helpt shockwavetherapie bij een peesontsteking?
Voor sommige hardnekkige peesklachten is er redelijk bewijs, met de beste resultaten bij kalkafzetting in de schouderpees. Voor andere locaties is het bewijs zwakker. Het wordt in Nederland veel commercieel aangeboden. Zie het als een mogelijke aanvulling op oefentherapie, nooit als vervanging ervan, en vraag vooraf naar de kosten.
Kan een peesontsteking in de arm door reuma komen?
Dat kan. Bij ontstekingsreuma zijn de pezen en peesscheden wél echt ontstoken, anders dan bij overbelasting. Denk hieraan bij ochtendstijfheid die langer dan een uur duurt, bij klachten in meerdere gewrichten tegelijk, bij zwelling en warmte, of bij koorts en moeheid erbij. Dan is bloedonderzoek bij de huisarts op zijn plaats.
Mag ik doorwerken met een peesontsteking in mijn arm?
Meestal wel, maar niet ongewijzigd. Blijf bewegen en blijf gebruiken wat geen pijn geeft, en haal de piekbelasting eruit: werk niet boven schouderhoogte, til dichter bij je lichaam en wissel taken af. Volledig stoppen met bewegen maakt het herstel juist langer, doorwerken op pijnstillers maakt het erger.
Wanneer moet ik naar de huisarts met armpijn?
Bij aanhoudende pijn na twee tot drie weken zelf aanpassen, bij krachtsverlies waardoor je de arm niet meer kunt heffen, bij een zwelling die warm en rood is, of bij tintelingen en een doof gevoel in je hand. En altijd meteen bij pijn in de linkerarm samen met druk op de borst, benauwdheid of misselijkheid: dat kan een hartprobleem zijn en is spoed.
Om te onthouden
Bepaal eerst de plek en dan de fase. Bovenarm, voorkant schouder, buitenkant elleboog en binnenkant elleboog zijn vier verschillende klachten. En of je zes weken of zes maanden last hebt bepaalt of rust nog iets oplevert of niet meer.
Eén uitzondering blijft staan: ochtendstijfheid van meer dan een uur, meerdere gewrichten tegelijk of zichtbare zwelling horen bij de huisarts, want dan gaat het misschien wel om een echte ontsteking.
Bronnen
Khan K.M., Cook J.L., Kannus P. et al. (2002). Time to abandon the “tendinitis” myth. British Medical Journal, 324(7338), 626-627. DOI: 10.1136/bmj.324.7338.626
Cook J.L., Purdam C.R. (2009). Is tendon pathology a continuum? A pathology model to explain the clinical presentation of load-induced tendinopathy. British Journal of Sports Medicine, 43(6), 409-416. DOI: 10.1136/bjsm.2008.051193
Alfredson H., Pietilä T., Jonsson P., Lorentzon R. (1998). Heavy-load eccentric calf muscle training for the treatment of chronic Achilles tendinosis. American Journal of Sports Medicine, 26(3), 360-366. DOI: 10.1177/03635465980260030301
Beyer R., Kongsgaard M., Hougs Kjær B. et al. (2015). Heavy slow resistance versus eccentric training as treatment for Achilles tendinopathy. American Journal of Sports Medicine, 43(7), 1704-1711. DOI: 10.1177/0363546515584760
Sivrika A.P., Papadamou E., Kypraios G. et al. (2023). Comparability of the effectiveness of different types of exercise in the treatment of Achilles tendinopathy: a systematic review. Healthcare, 11(16), 2268. DOI: 10.3390/healthcare11162268