Flavanolen: waar ze in zitten en wat het onderzoek erover meet

Active ton protocole

Flavanolen zijn een subgroep van de flavonoïden, met catechine en epicatechine als bekendste vertegenwoordigers. Cacao, thee, appels en druiven zijn de belangrijkste bronnen. Ze zijn niet hetzelfde als flavonolen, die één letter schelen en in uien en thee zitten. Voor cacaoflavanolen bestaat één toegestane Europese claim.

Wat zijn flavanolen?

Flavonoïden vormen een grote familie plantenstoffen die kleur, smaak en afweer regelen. Binnen die familie liggen zes subgroepen. Flavanolen zijn er één van, en ze danken hun naam aan een alcoholgroep op de derde koolstof van hun basisstructuur.

De eenvoudigste flavanolen heten catechine en epicatechine. Ze koppelen zich ook aan elkaar tot langere ketens, de procyanidinen, die verantwoordelijk zijn voor het samentrekkende gevoel in je mond bij sterke thee, jonge rode wijn of pure chocolade.

Nu de verwarring die het hele onderwerp vertroebelt. Flavanolen en flavonolen schelen één letter en zijn verschillende stoffen. Flavonolen zijn quercetine, kaempferol en myricetine, en die zitten vooral in uien, boerenkool en thee. Wie op de Nederlandse zoekresultatenpagina naar flavanolen zoekt, krijgt pagina’s over flavonoïden in het algemeen terug, en die twee door elkaar halen betekent dat je de verkeerde onderzoeken leest.

Cacaovruchten, cacaobonen, cacaopoeder, cacaoboter en stukken pure chocolade
Cacao is de rijkste gangbare bron. De hoeveelheid die na verwerking overblijft, verschilt sterk per product: alkaliseren van cacaopoeder verlaagt het gehalte fors.

In welke voeding zitten flavanolen?

Vier bronnen dragen in een Nederlands voedingspatroon vrijwel alles bij: thee, appels, cacao en druiven, in die volgorde. Zwarte thee is in Nederland de grootste leverancier, eenvoudigweg omdat er zoveel van wordt gedronken. Datzelfde kopje is ook de rijkste bron van L-theanine, het aminozuur dat thee zijn hartige smaak geeft.

Wat de gehaltes betreft is cacao de dichtste bron, maar het pad van boon naar reep is lang en verliesgevend. Fermenteren, roosteren en vooral alkaliseren, het proces dat cacaopoeder donkerder en milder maakt, breken flavanolen af. Een blik gealkaliseerd cacaopoeder kan een fractie bevatten van wat er in de bonen zat.

Bij thee bepaalt de verwerking het profiel. Groene thee wordt niet geoxideerd en behoudt de losse catechinen. Zwarte thee wordt wel geoxideerd, waarbij de catechinen overgaan in grotere theaflavinen en thearubiginen. Dat maakt zwarte thee niet armer, wel anders.

Verder tellen appels met schil, blauwe bessen, bramen, rode druiven, peulvruchten met een gekleurde schil en, in kleinere bijdragen, rode wijn. Het patroon dat eruit springt is niet spectaculair: dagelijkse producten in gewone hoeveelheden.

Waarom flavanolen bij hart en bloedvaten terugkomen

De best onderbouwde route loopt via het endotheel, de eencellige binnenbekleding van je bloedvaten. Die cellen maken stikstofmonoxide, de stof die de spierlaag eromheen laat ontspannen zodat het vat wijder wordt en de bloeddruk daalt.

Epicatechine uit cacao verhoogt de beschikbaarheid van stikstofmonoxide. Dat is gemeten in kortdurende proeven met een echografische methode die de vaatverwijding van de armslagader vastlegt na een korte afknelling. Het effect treedt binnen uren op en is reproduceerbaar.

DE ROUTE DIE IN KORTE PROEVEN IS GEMETEN

epicatechine uit cacao komt in de bloedbaan
endotheelcellen maken meer stikstofmonoxide beschikbaar
de spierlaag rond het bloedvat ontspant
het vat verwijdt, de doorstroming verbetert
Dit is de keten waarop de Europese autoriteit haar oordeel over cacaoflavanolen baseerde. Let op de reikwijdte: gemeten is de vaatfunctie, niet het aantal hartinfarcten.

Wat het Zutphen-onderzoek liet zien

Dit vakgebied is in Nederland uitgevonden, en dat is geen chauvinisme maar wetenschapsgeschiedenis. In Zutphen liep vanaf 1985 een cohort van ruim 800 mannen van 65 tot 84 jaar, en in Wageningen ontwikkelden Hollman en Katan de meetmethoden om flavonoïden in voeding te bepalen.

Hertog en collega’s publiceerden in 1993 in The Lancet het eerste resultaat. Zij maten flavonolen en flavonen bij 805 mannen, met een gemiddelde inname van 25,9 mg per dag, afkomstig van thee voor 61 procent, uien voor 13 procent en appels voor 10 procent. Na 5 jaar was het relatieve risico op sterfte aan coronaire hartziekte in de hoogste tertiel 0,42, met een interval van 0,20 tot 0,88.

Dat ging dus over flavonolen. De studie die over flavanolen gaat verscheen in 2001. Arts en collega’s berekenden de catechine-inname in datzelfde cohort: gemiddeld 72 mg per dag, vooral uit zwarte thee, appels en chocolade. Bij 90 sterfgevallen aan ischemische hartziekte kwam de hoogste tertiel uit op een risicoverhouding van 0,49, interval 0,27 tot 0,88, na correctie voor de gebruikelijke factoren. Voor beroerte werd geen verband gevonden.

Twee Nederlandse metingen dus, twee verschillende stofgroepen, allebei met een verband in dezelfde richting. Het blijft observationeel onderzoek: mannen die veel thee en appels aten, verschilden ook op andere manieren van de rest.

COSMOS: wat de grote proef opleverde

Om die vraag te beantwoorden is een gerandomiseerde proef nodig, en die is er sinds 2022. COSMOS randomiseerde 21 442 oudere Amerikanen naar een cacao-extract met 500 mg flavanolen per dag, waaronder 80 mg epicatechine, of een placebo.

Na een mediane follow-up van 3,6 jaar was het hoofdresultaat niet significant. Het totaal aan hart- en vaatziekten kwam op een hazardratio van 0,90, interval 0,78 tot 1,02, met P = 0,11. Het vooraf vastgelegde hoofddoel werd dus niet gehaald, en dat is het getal dat telt.

De secundaire uitkomsten zijn interessanter dan het hoofdresultaat, en tegelijk minder hard. Sterfte aan hart- en vaatziekten kwam uit op 0,73, interval 0,54 tot 0,98. In de analyse die de follow-up afbrak zodra deelnemers stopten met innemen, kwam het totaal aan hartvaatziekten op 0,85, interval 0,72 tot 0,99. Veiligheidsproblemen waren er niet.

COSMOS, HAZARDRATIO’S PER UITKOMST

Totaal hart- en vaatziekten (hoofddoel) 0,90 (0,78 tot 1,02)
Sterfte aan hart- en vaatziekten 0,73 (0,54 tot 0,98)
Hartinfarct 0,87 (0,66 tot 1,16)
Beroerte 0,91 (0,70 tot 1,17)
Sterfte door alle oorzaken 0,89 (0,77 tot 1,03)
Sesso en collega’s, Am J Clin Nutr 2022. Een balk korter dan de rest betekent minder risico. Alleen de groene, sterfte aan hart- en vaatziekten, haalt statistische significantie, en dat was een secundaire uitkomst.

Flavanolen en geheugen

Een tweede spoor loopt naar de hippocampus, de hersenstructuur die episodisch geheugen aanstuurt en die vroeg meebeweegt met het ouder worden. Brickman en collega’s lieten in 2014 in Nature Neuroscience zien dat cacaoflavanolen de doorbloeding van een specifiek deel van de hippocampus verhoogden, met een bijbehorende verbetering op een geheugentaak.

In 2023 herhaalden zij dat op grote schaal binnen COSMOS. Bij 3562 ouderen, 3 jaar lang 500 mg cacaoflavanolen per dag, werd het vooraf vastgelegde hoofddoel na het eerste jaar niet gehaald. Maar in de laagste tertielen van gebruikelijke voedingskwaliteit en gebruikelijke flavanolinname herstelde het geheugen wel. Bij een deel van de deelnemers werd dat bevestigd met een biomarker in de urine.

De auteurs vatten dat samen als een uitputting-en-aanvulling-model: wie te weinig binnenkrijgt heeft baat bij aanvullen, wie genoeg binnenkrijgt niet. Dat is een nuchtere manier om naar dit soort onderzoek te kijken, en ze geldt breder dan voor flavanolen alleen.

Glazen kop groene thee met losse theeblaadjes op een houten tafel
In Nederland is thee de grootste leverancier van flavanolen, eenvoudig omdat er zoveel van wordt gedronken. Groene thee behoudt de losse catechinen, zwarte thee zet ze om in grotere verbindingen.
OnderzoekOpzetStofgroepUitkomst
Hertog 1993, The Lancet805 mannen, Zutphen, 5 jaarFlavonolen en flavonenRR 0,42 voor sterfte aan coronaire hartziekte
Arts 2001, Am J Clin Nutr806 mannen, ZutphenCatechinen, dus flavanolenRR 0,49 voor sterfte aan ischemische hartziekte
Sesso 2022, COSMOS21 442 deelnemers, 3,6 jaar, gerandomiseerd500 mg cacaoflavanolenHoofddoel HR 0,90; P = 0,11, niet significant
Brickman 2023, PNAS3562 deelnemers, 3 jaar500 mg cacaoflavanolenHoofddoel niet gehaald; winst in de laagste tertielen
EFSA 2012Beoordeling van een claimdossierCacaoflavanolenClaim toegestaan bij 200 mg per dag

De enige toegestane claim in Europa

In het Europese claimregister staat voor flavanolen precies één goedgekeurde claim. Ze gaat over cacaoflavanolen en luidt dat ze helpen de elasticiteit van de bloedvaten in stand te houden, wat bijdraagt aan een normale doorbloeding. De autoriteit beoordeelde het dossier in 2012 positief.

De voorwaarde erbij is concreet. Er moet dagelijks 200 mg cacaoflavanolen worden ingenomen, en dat is haalbaar met ongeveer 2,5 g flavanolrijk cacaopoeder of 10 g flavanolrijke pure chocolade. Dat zijn geen gemiddelde supermarktproducten: het gaat om cacao die zo verwerkt is dat het gehalte behouden blijft.

Alles wat verder gaat dan die zin, mag niet op een verpakking of verkooppagina staan. Geen claim over veroudering, geen claim over geheugen, geen claim over ontstekingen. Dezelfde regel geldt voor elk ander product, van een ontstekingsremmend supplement tot een supplement bij artrose: wat niet in het register staat, is niet toegestaan. De NVWA houdt daar toezicht op.

Voor wie het praktisch wil houden: het Nederlandse voedingsadvies noemt geen aparte norm voor flavanolen, en er is geen aanbevolen hoeveelheid. De producten die ze leveren, thee, appels, peulvruchten en donkere bessen, staan er wel allemaal in.

Wat zijn flavanolen precies?

Een subgroep van de flavonoïden, met catechine en epicatechine als bekendste vertegenwoordigers, en procyanidinen als langere ketens. Ze zitten vooral in cacao, thee, appels en druiven.

Wat is het verschil tussen flavanolen en flavonolen?

Eén letter en twee verschillende stofgroepen. Flavonolen zijn quercetine, kaempferol en myricetine, uit uien, boerenkool en thee. Flavanolen zijn de catechinen, uit cacao, thee en appels. In Zutphen zijn beide apart gemeten.

Waar zijn flavanolen goed voor?

De enige toegestane Europese claim gaat over cacaoflavanolen en de elasticiteit van bloedvaten, bij 200 mg per dag. Andere beweringen, over geheugen of veroudering, zijn niet toegestaan, ook al lopen daar onderzoeken naar.

In welke voeding zitten de meeste flavanolen?

Cacao levert het hoogste gehalte, maar verwerking breekt veel af. In de praktijk komt in Nederland het grootste deel uit thee, gevolgd door appels, cacao en druiven.

Is pure chocolade een goede bron?

Dat hangt van de verwerking af, niet van het percentage cacao op de wikkel. Alkaliseren verlaagt het gehalte fors. Voor de toegestane claim is 10 g flavanolrijke pure chocolade nodig, en dat is niet elke reep.

Heeft een supplement met cacaoflavanolen zin?

In COSMOS haalde 500 mg per dag het hoofddoel niet: hazardratio 0,90 met P = 0,11. Sterfte aan hart- en vaatziekten, een secundaire uitkomst, kwam op 0,73. In het geheugenonderzoek zat de winst bij wie er gewoonlijk weinig binnenkreeg.

Hoeveel thee zou je moeten drinken?

In Zutphen lag de gemiddelde catechine-inname op 72 mg per dag, grotendeels uit zwarte thee. Er bestaat geen Nederlandse aanbeveling voor flavanolen, dus een streefgetal is er niet.

Bronnen

  • Hertog M.G.L., Feskens E.J.M., Hollman P.C.H., Katan M.B., Kromhout D. (1993). Dietary antioxidant flavonoids and risk of coronary heart disease: the Zutphen Elderly Study. The Lancet. DOI: 10.1016/0140-6736(93)92876-U
  • Arts I.C.W., Hollman P.C.H., Feskens E.J.M., Bueno de Mesquita H.B., Kromhout D. (2001). Catechin intake might explain the inverse relation between tea consumption and ischemic heart disease: the Zutphen Elderly Study. The American Journal of Clinical Nutrition. DOI: 10.1093/ajcn/74.2.227
  • Sesso H.D., Manson J.E., Aragaki A.K., Rist P.M., Johnson L.G. et al. (2022). Effect of cocoa flavanol supplementation for the prevention of cardiovascular disease events: the COcoa Supplement and Multivitamin Outcomes Study (COSMOS) randomized clinical trial. The American Journal of Clinical Nutrition. DOI: 10.1093/ajcn/nqac055
  • Brickman A.M., Yeung L.K., Alschuler D.M., Ottaviani J.I., Kuhnle G.G.C. et al. (2023). Dietary flavanols restore hippocampal-dependent memory in older adults with lower diet quality and lower habitual flavanol consumption. Proceedings of the National Academy of Sciences. DOI: 10.1073/pnas.2216932120
  • Brickman A.M., Khan U.A., Provenzano F.A., Yeung L.K., Suzuki W. et al. (2014). Enhancing dentate gyrus function with dietary flavanols improves cognition in older adults. Nature Neuroscience. DOI: 10.1038/nn.3850
  • EFSA Panel on Dietetic Products, Nutrition and Allergies (2012). Scientific Opinion on the substantiation of a health claim related to cocoa flavanols and maintenance of normal endothelium-dependent vasodilation. EFSA Journal. DOI: 10.2903/j.efsa.2012.2809
0